Title Page

Heb je een vraag? LIV luistert,
informeert en denkt met je mee !

Ik ben zelfstandige

Je kan werken als zelfstandige in hoofdberoep, als zelfstandige in bijberoep, als helpster of als meewerkende echtgenote. Lees hieronder meer over de verschillende  statuten.

Zelfstandige in hoofdberoep

Een zelfstandige in hoofdberoep is een persoon die in België een beroepsactiviteit uitoefent zonder gebonden te zijn aan een arbeidsovereenkomst of een statuut. Er bestaat geen vorm van ondergeschiktheid. Het is dus iemand die beroepshalve geen werknemer of ambtenaar is.

Om die reden heb je als zelfstandige ook een eigen sociaal statuut en ben je onderworpen aan een specifieke regeling inzake de sociale zekerheid. Door de betaling van sociale bijdragen open je rechten op kinderbijslag, gezondheidszorg, pensioen, faillissementsuitkering, palliatief - en zorgverlof. Dit heet ‘het sociaal statuut van de zelfstandige’.

Hoeveel sociale bijdragen je moet betalen, is afhankelijk van je beroepsinkomen van drie jaar voordien. Zo worden de bijdragen voor 2019 berekend op het inkomen van 2016. Er is zowel een minimum- als een maximumbedrag voorzien.

Zelfstandige in bijberoep

Je oefent al een beroep uit voor een werkgever, maar je wil tegelijkertijd nog als zelfstandige aan de slag? Dat kan als zelfstandige in bijberoep. Je oefent tegelijk én hoofdzakelijk nog een andere beroepsactiviteit uit. Het kan hierbij gaan om een beroepsbezigheid:

  • als loontrekkende; deze job moet minstens de helft bedragen van een fulltime job.

  • in het onderwijs; deze betrekking moet wel minstens 6/10de van een volledige uurrooster bedragen.

Als zelfstandige in bijberoep betaal je sociale bijdragen op je werkelijke inkomen als zelfstandige. Toch blijf je de sociale voordelen genieten uit het ándere sociale stelsel waaraan je onderworpen bent door je hoofdberoepsbezigheid. Je rechten zijn dus eerder beperkt. 

Aansluiten als helper of helpster

Een helper of helpster van een zelfstandige is officieel "iedere persoon, die in België een zelfstandige in de uitoefening van zijn beroep bijstaat of vervangt, zonder tegenover hem door een arbeidsovereenkomst te zijn verbonden." Het statuut van helper of helpster kan je enkel bekomen in een eenmanszaak, niet in een vennootschap.

Als helper of helpster moet je je inschrijven bij een sociaal verzekeringsfonds en dat ten laatste op de dag van de start van je activiteit. De inschrijving is verplicht vanaf 1 januari van het jaar waarin je 20 wordt maar hierop bestaan verschillende uitzonderingen.

Aansluiten als meewerkende echtgenoot/echtgenote

Wie meewerkende echtgenoot of echtgenote van een zelfstandige is en zelf geen gelijkwaardig statuut heeft, moet  zich ten laatste op de dag van de start van de activiteit laten aansluiten bij een sociaal verzekeringsfonds. Dat geldt ook voor wie niet gehuwd is, maar bij de gemeente een verklaring van wettelijk samenwonen heeft gedaan.

Wie ná 1955 geboren is, valt als meewerkende echtgenoot of echtgenote automatisch onder het zogenaamde ‘maxistatuut’. Dat is een volwaardig fiscaal en sociaal statuut. Het beroepsinkomen wordt in dat geval fiscaal gesplitst. De meewerkende echtgenoot of echtgenote verwerft een eigen inkomen, met een eigen kostenaftrek en ook de sociale bijdragen worden apart berekend.

Ben je geboren vóór 1956, dan heb je de keuze tussen het ministatuut of het maxistatuut. Kies je voor het ministatuut, dan ben je alleen verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid. Word je arbeidsongeschikt, dan krijg je een uitkering van het ziekenfonds. Je betaalt dan ook bijdragen die worden berekend op het beroepsinkomen van je zelfstandige echtgenoot of echtgenote. 

Belangrijk! Als je tegelijkertijd ook aandelen hebt in de vennootschap, dan ben je werkend vennoot, en moet je je aansluiten als zelfstandige. Het statuut van meewerkende achtgenoot is hier dan geen optie.